Sensibiliseringsstrategieën

Waarom sensibiliseren?

Omdat we mensen warm willen maken voor nieuwe inzichten. En dat niet alleen. We willen ervoor zorgen dat ze zich anders gaan gedragen.

Op deze website hebben we het over gelijke kansen voor mannen en vrouwen op de arbeidsmarkt. Nu, wat willen we bereiken met de verschillende campagnes en projecten die we hier verzamelden?

Dat mensen gaan praten. Waarover? Over heel wat dingen. Hier heb je er enkele:

  • gender;
  • gelijke kansen;
  • het evenwicht tussen werk en ‘privé’;
  • rechten (zoals ouderschapsverlof);
  • de loonkloof;
  • duurzaam leren en werken;
  • beleidsbeïnvloeding.

Voor de onderdelen ‘Gebruik klare taal’ en ‘Beroepenfilms’ baseerden we ons op de ‘GECO – Gender in CO.BR.A. - Handleiding voor het genderbewust maken van het COmpetentie- en BeroepenRepertorium voor de Arbeidsmarkt (CO.BR.A.)’. Het document vind je hier: vdab.be/cobra/gender.pdf.

Gebruik klare taal

De meeste beroepsnamen zijn mannelijk. En ook al gebruiken we ze voor zowel mannen als vrouwen, ze blijven een tikje rolbevestigend.

Zullen we dan voor ieder beroep ook maar een vrouwelijke naam bedenken? Dat zou weinig praktisch zijn. Trouwens, het zou het verschil tussen mannen en vrouwen extra benadrukken.

Gaandeweg zullen allicht steeds meer vrouwen voor een ‘mannelijk’ beroep kiezen. Misschien verdwijnt daardoor de mannelijke bijklank van vele beroepsnamen.

Het GECO-project verkiest neutrale beroepsnamen. Mannelijke beroepsnamen zonder bijklank kunnen behouden blijven. Uitgesproken vrouwelijke beroepsnamen worden vervangen door neutralere.

Ons taalgebruik lijkt sowieso in die richting te evolueren. ‘Dokter’, bijvoorbeeld, klinkt niet langer nadrukkelijk mannelijk. Het woord verwijst nog louter naar een beroep. Wié het beroep uitoefent, lijkt er niet in door te klinken.

Is er geen duidelijkheid over de geladenheid van een beroepsnaam, dan biedt visuele ondersteuning uitkomst.

Hoe kies je beroepsnamen?

  1. Bepaal tot welke categorie een beroepsnaam behoort. Is hij neutraal, mannelijk gemarkeerd, mannelijk ongemarkeerd of vrouwelijk gemarkeerd?
  2. Voer per categorie de volgende aanpassingen uit:
    • Vervang mannelijk gemarkeerde benamingen door een neutrale, als die bestaat.
    • Vervang mannelijk ongemarkeerde benamingen door een neutrale, als die bestaat.
    • Vervang vrouwelijk gemarkeerde benamingen door een neutrale, als die bestaat.

Neutrale benamingen mag je laten staan.

Hoe omschrijf je beroepen?

  1. Je kan beroepsomschrijvingen ongewild mannelijk of vrouwelijk kleuren. Bijvoorbeeld: ‘Een kapper onthaalt zijn klanten. Hij kapt hun haar.’
    • Hoe kan je deze omschrijving neutraal maken? Door de tweede persoon te gebruiken: ‘Als kapper onthaal je klanten. Je kapt hun haar.’ Of door de meervoudsvorm te gebruiken: ‘Kappers onthalen hun klanten. Ze kappen hun haar.’
  2. Zorg ervoor dat de omschrijving niet te stereotiep of te traditioneel is. Door een té mannelijke of té vrouwelijke formulering zullen potentiële werknemers zich maar in een beperkt aantal van de omschreven beroepen herkennen.  
    • Kies voor evenwichtige woorden.
    • Kies voor eenvoudig en direct taalgebruik.
  3. Zorg voor evenwicht tussen technische/leidinggevende aspecten en verzorgende/ondersteunende aspecten van de beroepsomschrijving.
    Vergeet niet: het is erg belangrijk dat een beroep correct omschreven wordt. Beroepsomschrijvingen ‘bijkleuren’ om ze genderneutraal te maken, is geen goed idee.
  4. Geef de  beroepsomschrijving een heldere structuur mee. Scheid hoofd- en bijzaken van elkaar. Zo voorkom je een foute genderlading. Lezers neigen immers tot stereotiep interpreteren.



Beroepenfilms

Voor verschillende projecten werden beroepenfilms gemaakt. Zulke films zijn erg nuttig om genderneutraliteit te propageren.

Waarop moet je letten?

1.    Personages

    • De rolverdeling is belangrijk. Breng je twee werknemers in beeld, let er dan op dat beide geslachten vertegenwoordigd zijn. Anders wek je de indruk dat het beroep alleen voor mannen of vrouwen geschikt is.
    • De arbeidsomgeving is even belangrijk. Zijn de collega’s die in beeld komen mannen of vrouwen?

2.    Taalgebruik

    • Gebruik neutrale beroepsnamen. Zoals ‘verpleegkundige’ in plaats van ‘verpleegster’.
    • Gebruik niet consequent de verwijzing ‘hij’ als het ook om een ‘zij’ kan gaan. Dat schept een eenzijdig beeld van het beroep.
    • Verwijs niet met beladen termen naar iemand van het andere geslacht. Heb het dus niet over “ “dat schoon meiske dat hier rondloopt”.
    • Interviewen doe je het best op ‘ongekleurde’ wijze. Praat dus op dezelfde manier met, bijvoorbeeld, een vrouwelijke verpleegkundige als met een mannelijke.

3.    Scenario

Welke aspecten van het beroep komen aan bod? En wie komen in beeld? Wordt een technisch aspect belicht, breng dan ook vrouwen in beeld. Laat, omgekeerd, ook mannen in beeld komen wanneer het over, bijvoorbeeld, verzorging gaat. Zo vermijd je stereotypering.

4.    Montage

    • Hou bijvoorbeeld rekening met de volgorde waarin de personages in beeld komen. De eerste werknemer die in beeld komt, geeft de norm aan. De tweede wijkt ervan af.
    • De achtergrondmuziek kan ook stereotyperen. Bijvoorbeeld wanneer je mannelijke werknemers begeleidt met een stevig rocknummer, en vrouwelijke met een rustiger pianostuk.

Een beroepsfilmpje illustreert idealiter de arbeidsdeelname van mannen én vrouwen. Maar uiteraard moet het in de eerste plaats een correct beeld van de situatie op de werkvloer bieden.

GECO-checklist voor genderbewuste beroepenfilms

Personages:

  • Werden de rollen evenwichtig onder mannen en vrouwen van uiteenlopende origine verdeeld?

Taalgebruik:

  • Worden de correcte beroepsnamen gebruikt?
  • Wordt hij/zij correct gebruikt?
  • Wordt gendergeladen taalgebruik geweerd?
  • Hebben de vragen van de interviewer een ‘dwingend’ effect?
  • Is de woordkeuze van de commentaarstem genderneutraal?

Scenario:

  • Wordt evenveel aandacht besteed aan de verzorgende, sociale en ondersteunende aspecten van het beroep als aan de technische, fysieke en materiële?
  • Worden mannen en vrouwen niet al te zeer ‘gelinkt’ aan bepaalde aspecten van het beroep?

Montage

  • Heeft de volgorde waarin de personages verschijnen – indien het gaat om een vrouwelijke en een mannelijke werknemer – een stereotyperend effect?
  • Heeft de muziek een stereotyperend effect?
  • Zijn stereotyperende omgevingselementen zoals pin-ups weggehaald?
  • Kunnen mannen én vrouwen van uiteenlopende origine zich in de film herkennen?

Voor meer informatie: http://vdab.be/cobra/gender.pdf

Good practices: Sensibiliserende producten

Klaar voor klare taal

Beeldvorming van Arbeid

Het werken zoals het is

Good practices 'Sensibilisering': bestaand sensibiliseringsmateriaal van ESF-projecten

  • Informerend filmpje, gebruikt tijdens het event van mei 2007 om de workshop 'Gender en Diversiteit' in te leiden:

    Een voorbeeld:

 

 

  • Projecten: allerlei

De Genderzakboekjes (Zowel vroegere genderzakboekjes als het huidige genderjaarboek kan gratis worden aangevraagd bij het ESF-Agentschap)

 

 

De mediacampagnes

EmmaTeamTimeDe Grote OversteekDochters van Venus180CasanovaMIRA

Wat moet je weten over de mediacampagnes op deze website?

Het zijn geen ‘gewone’ campagnes. Daarmee bedoelen we dat ze geen product aan de man brengen. Wél willen ze het gedrag van mensen beïnvloeden.

De campagnes stellen nieuwe methodes voor om met genderverschillen en andere arbeidsmarktgerelateerde kwesties om te gaan.
Door persconferenties te organiseren en persberichten te verzenden, zorg je ervoor dat projecten in het nieuws komen.

Alle campagnes zijn uit noodzaak geboren. Ze informeren bovendien op niet-conventionele wijze.

Doelgroepen worden gesensibiliseerd door ze overtuigende informatie te bieden. Deze kan een oplossing voor hun problematiek zijn.

Overtuigende informatie

Waarop moet je letten als je een sensibiliseringscampagne organiseert?  Hoe overtuig je je doelgroep?

  1. Hou het beknopt. Te veel extra informatie kan je boodschap vertroebelen. Een heldere boodschap is ook het geloofwaardigst.
  2. Vertel iets nieuws. Of vertel op een nieuwe manier. Zo trek je de aandacht.
  3. Breng een geloofwaardige, overtuigende boodschap.
  4. Zorg dat je boodschap of haar vorm herkenbaar is.


Aandachtspunten – wanneer je aan je campagne begint

  1. Hoeveel mensen wil je bereiken?
  2. Hoeveel tijd en middelen heb je?
  3. Welk aspect van je project heeft nieuwswaarde? Met andere woorden: waarrond bouw je je campagne op?
  4. Maak een lijst van wat je moet doen om de aandacht van het publiek te winnen. Hou rekening met deze lijst.
  5. Hou je projectpartners op de hoogte van je vorderingen. Dat werkt het vlotst.
  6. Wees zo creatief mogelijk. Je wil immers vernieuwend zijn.
  7. Verlies je budget niet uit het oog.


Aandachtspunten - wanneer je de pers te woord staat

  1. Wees voorbereid: weet wat je zal zeggen
  2. Hou rekening met de lezers, luisteraars of kijkers
  3. Hou altijd een aantal ‘good practices’ in het achterhoofd
  4. Journalisten stellen weleens ‘lastige’ vragen. Hou daar rekening mee
  5. Spreek duidelijk en geef heldere, korte antwoorden. Luister goed naar de vragen.
  6. Reken er niet op dat de media je antwoorden letterlijk zullen brengen.
  7. Je mag er wel op staan dat je juist geciteerd wordt, maar probeer niet om de mening van de journalist te ‘verbeteren’.